Succesverhalen

Componence Asset List

‘Ik ben heel blij weer onder de mensen te zijn. In het begin voelde het wel alsof ik in het diepe werd gegooid, maar nu heb ik het onwijs naar mijn zin. Het is een normale baan. Echt werk.’

‘Ik ben heel blij weer onder de mensen te zijn. In het begin voelde het wel alsof ik in het diepe werd gegooid, maar nu heb ik het onwijs naar mijn zin. Het is een normale baan. Echt werk.’ Cindy Kaspers (30) werkt sinds anderhalf jaar op de ICT-afdeling van de Parnassia Groep, een grote ggz-instelling met zo’n dertienduizend werknemers en ruim vijfhonderd vestigingen. Ze wil niet met haar echte naam in de publiciteit vanwege het stigma dat kleeft aan psychische aandoeningen.

Mooi werk

Ze vertelt dat ze in 2014 haar hbo-studie moest afbreken vanwege een ernstige psychische aandoening. ‘Dat was heftig, maar na een paar jaar met therapie en medicatie, ging het steeds beter met me. Ik wilde weer ritme en een zinnige invulling aan mijn leven geven.’

Via het behandelteam van Parnassia kwam Cindy in 2017 in contact met de IPS-trajectbegeleider van Reakt, de re-integratiepoot van de ggz-organisatie. ‘Na veel gesprekken over mijn wensen en verwachtingen, kon ik voor twaalf uur aan de slag als medewerker op de servicedesk van Parnassia Groep. Eerst met behoud van mijn Wajong-uitkering via een proefplaatsing van twee maanden, om te kijken of het ging. Na een halfjaarcontract volgde een jaarcontract en nu heb ik, sinds augustus, een vast dienstverband voor zestien uur. Ik vind het mooi werk. Hoewel ik nog niet meer verdien dan mijn uitkering, is het heel fijn om weer op eigen benen te staan.’

Geduld hebben

‘We hebben Cindy echt zien opbloeien’, zegt Elise Zeijlmans, voorheen opleidingsadviseur van de ICT-afdeling en leidinggevende van Cindy, nu coördinator social return van de Parnassiagroep. ‘In het begin was ze heel verlegen. Nu is ze heel goed in het terugbellen van ICT-klanten om te informeren of ze tevreden zijn. Je moet geduld hebben en het een kans geven. Ik ben nogal een aanpakker, dus ik moest wel eens tot tien tellen. Maar als werkgevers er open voor staan en willen investeren in mensen, kan het een zeker succes worden.’