Succesverhalen

Componence Asset List

Link naar document: Rijnmond KC PG 14-02-2020

Datum uitspraak: 14 februari 2020

Klachtencommissie: KC Patiënten Parnassia Groep, kamer Rijnmond

Korte toelichting klacht en uitspraak: Klacht tegen beslissing verplichte zorg dat niet is opgenomen in Crisismaatregel. In CM staat alleen opname in een accommodatie als toepasbare vorm van verplichte zorg, maar na opname worden ook 10 andere vormen van verplichte zorg toegepast. Klager vraagt schadevergoeding voor het onrechtmatig uitvoeren van vormen van verplichte zorg bij de klachtencommissie als bij de Rechtbank. Klacht tegen aanzeggen verplichte zorg die niet in CM is opgenomen is gegrond.Voor het verzoek tot schadevergoeding verklaard de KC zich niet-ontvankelijk.

Toelichting klacht: De Burgemeester heeft een crisismaatregel afgegeven met daarin alleen opname in een accommodatie is opgenomen als toepasbare vorm van verplichte zorg. De zorgverantwoordelijke van betrokkene neemt na opname de beslissing tot uitvoering verplichte zorg (artikel 8:9 Wvggz) niet alleen voor opname maar ook voor 10 andere vormen van verplichte zorg waaronder beperking in de bewegingsvrijheid, onderzoek aan kleding of lichaam en uitoefenen van toezicht op betrokkene. Klager bijgestaan door advocaat klaagt over toepassing verplicht zorg die niet was opgenomen in crisismaatregel namelijk de beperking van de vrijheid en de aanzegging van andere vormen van verplichte zorg niet opgenomen in crisismaatregel. Daarnaast vraagt klager schadevergoeding voor het onrechtmatig uitvoeren van vormen van verplichte zorg. Advocaat van patiënt dient de klacht en het verzoek tot schadevergoeding tegelijk in bij de klachtencommissie als bij de Rechtbank.

Toelichting uitspraak: De klacht over toepassing verplichte zorg die niet was opgenomen in crisismaatregel wordt gegrond verklaard. De commissie stelt vast dat vormen van verplichte zorg zijn aangezegd in uitvoeringsbeslissing waarin de crisismaatregel niet voorzag. Die crisismaatregel voorzag immers alleen in opneming in een accommodatie als vorm van verplichte zorg. De uitvoeringsbeslissing is daarmee in strijd met artikel 8:7, tweede lid, Wvggz.

Verzoek tot schadevergoeding is niet-ontvankelijk omdat advocaat van betrokkene tegelijkertijd een verzoek tot schadevergoeding heeft ingediend bij de rechtbank Rotterdam. Het verzoek omvat dezelfde schade op dezelfde grondslag(en). Hoewel de wet aan een betrokkene meerdere ingangen biedt om schadevergoeding te verzoeken, verzet een redelijke wetstoepassing en een goede procesorde zich er tegen dat vergoeding van dezelfde schade via verschillende procedures bij verschillende instanties wordt verzocht. Nu inmiddels een verzoek is ingediend bij de rechtbank en dat bovendien een hogere instantie is, ziet de commissie geen aanleiding over het bij haar ingediende verzoek tot schadevergoeding te beslissen.