Succesverhalen

Componence Asset List

Link naar document: Noord-Holland KC PG 28-05-2020

Datum uitspraak: 28 mei 2020

Klachtencommissie: KC Patiënten Parnassia Groep, kamer  Noord-Holland

Korte toelichting klacht en uitspraak: Klacht tegen beslissing toepassen verplichte zorg en tegen te late schriftelijke kennisgeving hierover. Klacht tegen de late kennisgeving wordt gegrond verklaard en hiervoor wordt schadevergoeding toegekend. Klachtencommissie kent echter niet het gevraagde bedrag toe dat gebaseerd is op het forfaitair stelsel van de Stichting PVP.

Toelichting klacht: Klaagster stelt dat het verlenen van verplichte zorg in de vorm van medicatie ter uitvoering van de zorgmachtiging niet nodig is en zegt dat zij tot 15 april 2020 niet wist dat de zorgverantwoordelijke antipsychotica had voorschreven. Als klaagster dit aan het begin van de opname had geweten, was zij hier nooit mee akkoord gegaan.

Verzoek tot schadevegoeding:  Klaagster stelt dat zij door de gestelde normovertredingen immateriële schade heeft geleden. Klaagster verbleef in onzekerheid over haar rechtspositie met alle spanningen en frustraties van dien. Klaagster heeft verzocht haar ter zake hiervan een bedrag van € 3000,-- toe te kennen, dan wel een schadevergoeding toe te kennen tot een bedrag dat de commissie passend acht.

Toelichting uitspraak: De commissie is van mening dat de noodzakelijkheid van het verlenen van verplichte zorg, waaronder die in de vorm van toediening van medicatie, voldoende is gemotiveerd en acht de klacht hiertegen ongegrond. De instelling heeft aangetoond dat:

  • er geen mogelijkheden zijn voor zorg op basis van vrijwilligheid;
  • er voor klaagster geen minder bezwarende alternatieven met het beoogde effect zijn; en
  • dat de toediening van medicatie gelet op het beoogde doel evenredig en naar verwachting effectief is.

Net als klaagster is de commissie van oordeel dat de schriftelijke kennisgeving (als bedoeld in art. 8:9, tweede lid, Wvggz) te laat is verstrekt. Als onweersproken staat vast dat klaagster meer dan twee weken na toepassing verplichte zorg een afschrift heeft ontvangen van de beslissing tot verlenen van verplichte zorg waarvoor aan de zijde van de instelling geen steekhoudende verklaring is gegeven. De bestreden beslissing draagt een zo fundamenteel karakter, dat de instelling de klaagster had moeten informeren op de wijze zoals de wet die voorschrijft. Zeker gezien het feit dat de verplichte zorg ook is toegepast in de fysieke woning van klaagster, een plek waar een persoon zich veilig zou moeten voelen.

De klacht is op dit onderdeel gegrond verklaard.
​​​De commissie kent van een vergoeding van € 50,-- toe.

Toelichting uitspraak schadevergoeding:
​​​​​​​De klachtencommissie volgt bij het toekennen van de schadevergoeding niet de systematiek van het forfaitair stelsel dat de Stichting PVP hanteert. Klager had met ondersteuning van PVP € 400,- schadevergoeding voor niet tijdig informeren conform art. 8:9 Wvggz gevraagd. De systematiek van het forfaitaire stelsel van de PVP gaat er van uit dat voor elk niet nakomen van een verplichting op grond van de Wvggz een vast bedrag aan schadevergoeding moet worden toegekend. Dit los van de vraag naar de omstandigheden en of klager ook daadwerkelijk schade heeft geleden door het niet nakomen van de verplichting. Daarnaast hanteert de PVP een systematiek waarbij de schadevergoeding oploopt naarmate de tijdsduur van het niet nakomen van de verplichting duurt. In dit geval € 100,- voor minder dan een week en € 400,- voor twee tot vier weken. Aangezien de schriftelijke kennisgeving meer dan twee weken te laat aan klager is overhandigd is wordt door klager € 400,- schadevergoeding gevraagd.  


Parnassia Groep heeft een ander uitgangspunt en vindt forfaitaire bedragen niet passen binnen ons aansprakelijkheidsrecht wat uitgaat van daadwerkelijk geleden schade nadat is geoordeeld dat een klacht gegrond is. Vervolgens moet betrokkene daadwerkelijk schade hebben geleden. Als de klachtencommissie er bij een gegronde klacht per definitie van uit zou gaan dat er schade is geleden en een forfaitair bedrag toekent zonder nadere toetsing zou dat volgens Parnassia Groep zeer onwenselijk zijn. De toekenning krijgt dan een punitief element en die handelwijze dragen bij aan een claimcultuur. Ook het oplopen van de hoogte van schadevergoeding alleen door het tijdsduur van het niet nakomen van de verplichting doet geen recht aan de uitgangspunten van het aansprakelijkheidsrecht.
De klachtencommissie volgt hier de systematiek van de PVP niet: in de motivatie voor het toekennen van schadevergoeding aan klager geeft de commissie aan dat de omstandigheden en dat naar haar gevoel klaagster ook daadwerkelijk schade heeft geleden een rol speelt bij het toekennen van schadevergoeding. De schadevergoeding wordt echter op een lager bedrag vastgesteld en ook de tijdsduur van het niet nakomen van de verplichting lijkt geen rol te spelen bij de bepaling van de hoogte van de schadevergoeding.