Succesverhalen

Componence Asset List

Link naar document:
​​​​​​​
ECLI:NL:RBNNE:2020:1771

Datum uitspraak: 22 april 2020

Rechtbank: Rechtbank Noord-Nederland

Korte toelichting klacht en uitspraak: Wijziging van zorgmachtiging wordt gevraagd zonder dat vooraf tijdelijk verplicht zorg heeft plaatsgevonden. Rechtbank oordeel dat met de voorgestelde wijziging is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz en wijst de  r het verzoek tot wijziging van de zorgmachtiging toe.

Toelichting: De officier van Justitie vraagt wijziging van een zorgmachtiging terwijl geen tijdelijk verplichte zorg vooraf heeft plaatsgevonden. De bedoeling van de wetgever van artikel 8:12 Wvggz is dat wijzigingen van de zorgmachtiging alleen kunnen plaatsvinden in noodsituaties, als er maatregelen nodig zijn waar in de lopende zorgmachtiging niet in is voorzien. De wetgever geeft de zorgverantwoordelijke de bevoegdheid om dan te beslissen tot tijdelijke verplichte zorg (maximaal drie dagen). Artikel 8:12 Wvggz voorziet alleen in de mogelijkheid om een aanvulling van verplichte zorg toe te staan nadat er eerst tijdelijk verplichte zorg gestart is of een verlenging van verplichte zorg waarvan de duur geëxpireerd is en die langer dan drie dagen zal duren. Om toepassing van artikel 8:12 mogelijk te maken gaat de wetgever er blijkbaar van uit dat de nood zo hoog is dat de zorgverantwoordelijke al tijdelijke maatregelen heeft moeten nemen ter afwending van ernstig nadeel. Terwijl er zich ook situaties voor kunnen doen waarin wijzigingen nodig zijn die nog niet direct ingezet hoeven te worden. In dit geval bleek tijdens een lopende zorgmachtiging dat voor betrokkene onder andere detoxificatie nodig was op een gesloten afdeling. De zorgmachtiging moest daartoe aangevuld worden met verplichte zorg in de vorm van insluiting voor een maand. Daarnaast was een beperking in het recht op het ontvangen van bezoek nodig, echter het toepassen tijdelijk verplichte zorg was in deze situatie niet aan de orde.

Toelichting uitspraak: Ondanks blijkt dat er geen tijdelijk verplichte zorg gestart is in verband met een noodsituaties, hetgeen vereist is voor de toepassing van artikel 8:12 Wvggz, is de rechter is van oordeel dat de officier toch ontvankelijk is in zijn verzoek, op grond van de in artikel 6:4 tweede lid Wvggz opgenomen mogelijkheid om in afwijking van het zorgplan andere vormen van verplichte zorg op te nemen in de zorgmachtiging, in combinatie met de in artikel 8:12 opgenomen (beperkte) mogelijkheid tot wijziging van de zorgmachtiging. Dus ook al is er in strikte zin geen sprake van een noodzakelijke aanpassing vanwege de toegepaste tijdelijk verplichte zorg, is de officier ontvankelijk in zijn verzoek en wordt het verzoek tot wijziging van de zorgmachtiging toegewezen.