vaste paginakop samenvatting en vooruitblik paginas

problemen in 2018 en oplossingen

We starten met de rode vlakken uit het onderstaand overzicht.

Deel geleverde zorg werd niet betaald

Van alle zorg die wij leverden werd 3 à 4% niet betaald. In 2018 ging het alleen bij de financiering door zorgverzekeraars om ruim € 20 miljoen.

Daarnaast is door gemeenten ongeveer € 7 miljoen nog niet betaald, onder meer vanwege nog niet afgehandelde zorgtoewijzingen en afrekeningen.

De zorg die we hebben geleverd voor justitie en de zorgkantoren is nagenoeg geheel vergoed.

Dat een deel niet betaald werd konden we tot 2018 dragen omdat we in die jaren ook incidentele opbrengsten hadden, zoals nabetalingen over voorgaande jaren en verkoop van vastgoed. In 2018 is dat veel minder het geval geweest. Incidentele opbrengsten vormen geen structurele basis voor duurzame zorgverlening. Uitgangspunt is daarom nu dat al onze activiteiten kostendekkend moeten zijn. 

Zorgverzekeringswet

Het niet betalen van geleverde zorg heeft een aantal redenen.

Jaarlijks sluit Parnassia Groep contracten met alle zorgverzekeraars. In deze afspraken worden uurtarieven, gemiddelde prijzen per patiënt en totaalvolumes overeengekomen. De gemiddelde prijs per verzekerde wordt afgesproken, net als het aantal verzekerden dat wij mogen behandelen. Elke verzekeraar rekent zijn eigen afspraken met ons af.

Als de gemiddelde prijs van een verzekerde lager is dan afgesproken, dan betaalt de verzekeraar ons ook minder. Wanneer de gemiddelde prijs echter hoger uitkomt dan afgesproken, dan betaalt Parnassia Groep het teveel aan geleverde zorg zelf.

Voor 2018 gold specifiek dat de prijs hoger uitkwam doordat we minder ambulante patiënten hebben behandeld dan verwacht. De belangrijkste oorzaken waren de vacatures die we hadden in 2018, een wat hoger ziekteverzuim en een storing in ons EPD waardoor afspraken met patiënten slecht konden worden gemaakt. Doordat de meest intensieve patiënten wel in behandeling bleven of zijn genomen en de minder intensieve patiënten op de wachtlijst bleven staan, steeg de gemiddelde prijs.

Een andere reden voor het niet betalen van geleverde zorg kan zijn dat we in totaal wel net zoveel patiënten opnemen als afgesproken, maar dat dit voor één verzekeraar toevallig meer patiënten waren. Wij willen natuurlijk niet sturen op welke patiënten van welke verzekeraars in zorg kunnen komen. Ook is er soms langere zorg noodzakelijk omdat de terugkeer naar huis of een woonvoorziening lastiger blijkt dan verwacht.

Alle verzekeraars hebben, op basis van de analyses waarom de werkelijkheid anders was dan de oorspronkelijke raming/afspraak, deels aanvullend gecontracteerd voor het kalenderjaar 2018, maar dit was onvoldoende.

Voor 2019 hebben we met alle verzekeraars betere afspraken kunnen maken, onder meer door voor sommige doelgroepen geen gemiddelde prijs en wat hogere tarieven af te spreken. Parnassia Groep breidt de lopende initiatieven verder uit om betere in-,  uit- en doorstroom van patiënten te realiseren. Zoals de inzet van de digitale poli en de extra inzet van intensieve behandeling thuis om klinische opnames te voorkomen of te bekorten. Dit altijd voor zover de zorgbehoefte van patiënten dat toelaat. Hierdoor zullen naar verwachting de wachtlijsten dalen.

Jeugdzorg

In de jeugdzorg is het verkrijgen en tussentijds aanpassen van toewijzingen voor jeugd-ggz een complex en bewerkelijk proces waarbij gemeenten onderling grote verschillen laten zien. Aan onze kant lukte het soms nog niet om alle toewijzingen direct passend en tijdig aan te vragen, en ook voor sommige gemeenten was het inregelen van het berichtenverkeer een tour de force.

We hebben afgelopen jaar met de meeste gemeenten goede afspraken kunnen maken over de administratieve onvolkomenheden; een deel van de gemeenten heeft echter de zorg nog niet betaald als gevolg van niet-tijdige of niet-correcte toewijzingen. Dit terwijl de zorg wel geleverd is. Ook zijn in enkele gemeenten meer patiënten behandeld voor wie nog geen vergoeding is gekregen. In totaal hebben we € 7 miljoen niet als opbrengst kunnen meetellen. 

Te lage tarieven voor ons werk door de toenemende extra kosten

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) stelt landelijk de kostprijzen voor verzekerde zorg vast. Verzekeraars en een aantal gemeenten betaalden ons in 2018 een 4 tot 6% lager uurtarief of lagere dagprijs voor een klinische opname dan dit door de NZa vastgestelde uurtarief of deze dagprijs.

De afgesproken tarieven komen tot stand in de onderhandeling met verzekeraars of door middel van een aanbesteding bij gemeenten. Onder meer door eerder genoemde incidentele opbrengsten konden we tot en met 2017 de te lage tarieven nog net compenseren. Echter doordat we een aantal kosten meer structureel moeten maken vanwege onder meer de toegenomen schaarste op de arbeidsmarkt, toegenomen veiligheidsrisico’s, buitensporig hoge administratieve lasten en voor opleidingen bleek dit in 2018 niet meer mogelijk. Een structureel dekkend uurtarief is dus noodzakelijk.

Voor 2019 hebben we met enkele financiers al betere afspraken kunnen maken, waardoor de verwachte prijsstijgingen voor 2019 zijn gedekt. Ook is met enkele financiers het tarief stapsgewijs verbeterd.

Voor 2020 moeten hier verdere afspraken over worden gemaakt, zodat wordt voorzien in de extra kosten die we moeten maken voor onder meer veiligheid en ingehuurd personeel en we in de ingewikkelde omstandigheden goede en verantwoorde zorg kunnen blijven leveren aan verzekerden en burgers.

Financieel resultaat Parnassia Groep als alle zorg betaald zou zijn tegen dekkende tarieven

Als wij alle geleverde noodzakelijke zorg in 2018 betaald zouden hebben gekregen, had dat ruim € 27 miljoen aan ons resultaat bijgedragen. Dan hadden we maar een beperkt verlies gehad, van € 29 miljoen minus € 27 miljoen is € 2 miljoen.

Waren de tarieven daarbij 4% hoger geweest, dus conform het NZa-tarief zoals eerder genoemd, dan had dit bijna € 25 miljoen extra bijgedragen.

Daarmee zouden de extra kosten die hieronder worden toegelicht gedekt zijn geweest. Het verlies van € 2 miljoen plus deze € 25 miljoen zou hebben geresulteerd in een positief resultaat van plm. € 23 miljoen, ofwel 2,5% van de omzet. Hiermee zouden we dan duurzaam gezond zijn.

In onze begroting 2018 rekenden we met een lager noodzakelijk resultaat van ruim € 10 miljoen. Zo’n jaarlijks resultaat is nodig om onder andere leningen van de banken te verkrijgen voor noodzakelijke nieuwbouw en renovatie.

We hadden dus van genoemde € 23 miljoen ruim de helft als prijskorting op de NZa-tarieven kunnen dragen, dat is ongeveer 2%.

Tekort collega’s – tijdelijk ingehuurd personeel en wachtlijsten

Een structureel probleem is de landelijke schaarste aan goed opgeleide professionals in de zorg. Met een beperkt aantal financiers zijn afspraken gemaakt over een verruimde inzet van regiebehandelaren die bijdragen aan een oplossing van dit probleem.

Ook Parnassia Groep heeft echter continu vacatures openstaan voor behandelaren. Hierdoor loopt in veel teams de werkdruk op en zien we dat ons ziekteverzuim tot het landelijke gemiddelde is gestegen. Ook lukt het mede daardoor nog te weinig om de wachtlijsten weg te werken. Een nijpend probleem, waarvoor we met grote inspanningen oplossingen proberen te vinden. Zowel om collega’s te werven als om ze te behouden.

Om de noodzakelijke zorg te kunnen blijven leveren moeten we tijdelijk extern personeel inhuren, wat aanzienlijk hogere kosten met zich meebrengt. De tarieven van de financiers voorzien hier (nog) niet in. De extra kosten bedroegen in 2018 naar schatting € 9 miljoen.

Door met name de vacatures zijn op een aantal programma’s de wachtlijsten nog te lang. Per regio is hier een plan van aanpak voor opgesteld. Voor een aantal doelgroepen zullen we zeker de wachtlijsten kunnen verminderen; voor andere vergt dat nog een langere weg.

Extra hoge kosten voor veiligheid

Het bieden van geestelijke gezondheidszorg doet een intensief beroep op onze collega’s. We hebben te maken met patiënten met complexe problemen die vaak intensieve behandeling nodig hebben. Bij een klein deel van deze patiënten zijn er veiligheidsrisico’s helaas in toenemende mate.

Ondanks alle aandacht voor de veiligheid van patiënten, collega’s en de samenleving deden zich helaas ook in 2018 incidenten en calamiteiten voor, met vaak een grote impact. Het ernstige steekincident bij Hollands Spoor in Den Haag was er een van.

We hebben daarom veel extra beveiliging en verpleegkundigen ingezet om een veilige omgeving voor patiënten en collega’s te kunnen realiseren. De extra kosten bedroegen in 2018 ten minste € 3,5 miljoen. Deze kosten lijken voor een groot deel een structureel karakter te hebben en moeten duurzaam worden bekostigd in de tarieven voor 2019 en 2020.

Om steeds in geval van crisis direct te kunnen opnemen proberen we in onze klinieken enkele bedden leeg te hebben. Hier is natuurlijk wel bezetting voor nodig. Deze ‘leegstand’ is niet ingecalculeerd in de tarieven. Voor 2020 komen hier naar verwachting middelen voor beschikbaar, in relatie tot de landelijke invoering van de generieke module acute psychiatrie.

Veel te hoge administratieve lasten

De verschillende verantwoordingseisen worden voor een deel opgelegd door VWS en de Nederlandse Zorgautoriteit en worden vervolgens aangevuld door verzekeraars en gemeenten. Dit leidt tot buitensporige administratieve lasten. Hierdoor zijn hulpverleners veel te veel tijd kwijt aan administratie. Ook vraagt het steeds meer inzet van ondersteunende diensten zoals control, verkoop en accountants om te voldoen aan al deze eisen en zo onze zorg betaald te krijgen.

Wij schatten dat Parnassia Groep tussen de € 40 en € 50 miljoen aan onnodige administratieve lasten kwijt is. En dat elk jaar opnieuw! We werken er al jaren aan om geen interne extra eisen toe te voegen aan de externe eisen. We doen ook al jaren concrete voorstellen voor grote externe verminderingen op dit gebied, zonder noemenswaardige resultaten. Als deze kosten moeten worden gemaakt, dan zouden ze ook moeten worden vergoed door de financiers. Echter in de tarieven wordt geen rekening gehouden met deze enorm toegenomen administratieve belasting.

Er zullen landelijk nu echt resultaten geboekt moeten worden bij het drastisch beperken van de buitensporige administratieve en verantwoordingseisen. Voor 2020 zullen we dit ook zelf actief bij de contractering inbrengen. Worden hier onvoldoende resultaten op geboekt, dan zullen wij een deel van de administratieve eisen niet kunnen uitvoeren en naast ons neer moeten leggen.

Incidentele kosten in 2018

Het gevolg van te lage tarieven is dat er voor Parnassia Groep als organisatie geen marge meer overblijft om eenmalige bedrijfsrisico’s op te vangen en te investeren in verbeteringen.

Zo hebben we in de eerste maanden van 2018 te maken gehad met een grote storing in onze EPD-software. Dit heeft voor grote problemen gezorgd bij onze behandelaren en administratie.

De patiëntenzorg is niet in gevaar geweest. Maar door alle extra handelingen die moesten worden uitgevoerd om de administratie op orde te houden en doordat afspraken met patiënten soms niet konden worden gemaakt, is het niet alle teams gelukt om voldoende patiënten te behandelen. Dat leidde tot een verlaagde omzet en extra kosten van in totaal € 7 miljoen.

Ook waren er in 2018 kosten van de integratie van Fivoor en van de fusiepartners Antes en het dr. Leo Kannerhuis.

Voor Fivoor en Antes bedroegen deze kosten ruim € 4 miljoen. Zulke investeringen zijn nodig om naast zorginhoudelijk verbeteringen ook structurele besparingen te bereiken, die we voor Antes en Parnassia Groep samen hebben geraamd op € 16 miljoen. Deze waren ook geraamd in onze begroting.

Het dr. Leo Kannerhuis, dat wij op verzoek van financiers hebben overgenomen, droeg in 2018 voor € 3,1 miljoen bij aan het verlies van Parnassia Groep. Dit ondanks de bijdrage van financiers bij de overname. Het verlies kwam met name doordat de administratie niet volledig op orde was, waardoor een deel van de opbrengsten (nog) niet kon worden gedeclareerd. In 2019 verwachten wij een positief resultaat.

Extra opleidingsplaatsen en te lage vergoeding voor opleidingen

Vanwege de grote tekorten aan regiebehandelaars zijn er landelijk extra middelen vrijgemaakt door VWS voor opleidingen. Het was evident dat het aantal extra plaatsen onvoldoende was om voldoende regiebehandelaren op te leiden gezien de omvang van de wachtlijsten. Daarom hebben we 20 opleidingsplaatsen voor GZ-psychologen voor eigen rekening genomen, een kostenpost van bijna € 0,7 miljoen.

Daarnaast is de externe vergoeding voor mensen in opleiding structureel niet kostendekkend. Er is in voorzien in de NZa-tarieven, maar die krijgen we niet volledig betaald van verzekeraars en gemeenten. Jaarlijks komen we voor alle opleidingen samen ruim € 1,1 miljoen tekort. Hiermee komt de opleidingsfunctie van ons soort instellingen in gevaar en daarmee een voldoende instroom van nieuwe behandelaren. Parnassia Groep leidt niet alleen voor zichzelf op, maar vervult de opleidingsfunctie samen met andere grote instellingen voor de hele ggz-sector.