Antisociale persoonlijkheidsstoornis

Antisociale persoonlijkheidsstoornis

200x200+donkerharige+starende+dame+.png
Als je een antisociale persoonlijkheidsstoornis (ASP) hebt, vertoon je antisociaal gedrag. Je kunt roekeloos, agressief, prikkelbaar, impulsief en onverschillig overkomen. Rekening houden met (de gevoelens van) anderen is lastig en regels worden vaak niet nageleefd.

Met antisociaal gedrag wordt bedoeld dat je het moeilijk vindt om rekening te houden met de gevoelens en wensen van andere mensen. Jouw inlevingsvermogen is beperkt. Je voelt je niet schuldig als je iemand pijn doet en je kunt andermans verdriet en pijn ook niet begrijpen. Daarnaast zijn regels en normen en waarden, op het werk en tijdens contacten met anderen, lastig voor je als je een antisociale persoonlijkheidsstoornis hebt.

Agressie, conflicten, liegen, bedriegen, manipulatie en illegale praktijken komen veelvuldig voor als je een antisociale persoonlijkheidsstoornis hebt. Vaak zijn de problemen al in de kindertijd begonnen en worden ze steeds heftiger, wat een grote invloed kan hebben op je familieleden en vrienden.

Antisociale persoonlijkheidsstoornis kenmerken

Er zijn verschillende antisociale persoonlijkheidsstoornis kenmerken die kunnen wijzen op een antisociale persoonlijkheidsstoornis. Volgens de DSM-5, het handboek voor psychiatrie, heb je een persoonlijkheidsstoornis wanneer je aan een aantal kenmerken voldoet. Maar deze antisociale persoonlijkheidsstoornis kenmerken alleen zijn niet voldoende om een diagnose te stellen. Er moet sprake zijn van langdurige patronen en je ondervindt ernstige beperkingen in het dagelijks functioneren.

Kenmerken die horen bij een antisociale persoonlijkheidsstoornis zijn:

  • je vindt het moeilijk om je aan regels te houden
  • je handelt vaak uit eigenbelang
  • je kunt je niet inleven in de emoties en behoeftes  van andere mensen
  • je bent gewelddadig of agressief
  • je brengt jezelf of anderen in de problemen door je roekeloze levensinstelling
  • je kent geen schuldgevoelens wanneer je iemand benadeelt
  • je kunt de consequenties van jouw handelingen niet overzien

Een antisociale persoonlijkheidsstoornis komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen: 3 procent tegenover 1 procent en vaak is er sprake van aanleg voor een persoonlijkheidsstoornis. De stoornis komt vaker voor in armere wijken en openbaart zich vaak al voor het vijftiende levensjaar. In gevangenissen heeft het merendeel van alle veroordeelden een antisociale persoonlijkheidsstoornis.

Antisociale persoonlijkheidsstoornis test

Er bestaat geen eenvoudige antisociale persoonlijkheidsstoornis test om vast te stellen of je deze persoonlijkheidsstoornis hebt. Onze partner PsyQ heeft wel de beschikking over een persoonlijkheidsstoornis test die je online kunt maken. 

Deze online zelftest is niet specifiek gericht op een antisociale persoonlijkheidsstoornis. De test geeft je een indicatie of je mogelijk een persoonlijkheidsstoornis hebt. Let op! De uitslag van de test geeft je slechts een indicatie en geen stelt geen diagnose. Als je jezelf in de uitslag herkent is het verstandig contact op te nemen met je huisarts. Hij of zij kan je doorverwijzen naar een gespecialiseerd behandelaar.

Antisociale persoonlijkheidsstoornis behandeling

Heb je het vermoeden dat je een antisociale persoonlijkheidsstoornis hebt en wil je behandeld worden? Dan heb je al een goede eerste stap gezet. Het is belangrijk om eerst contact op te nemen met je huisarts. Hij of zij kan je doorverwijzen naar Parnassia Groep of naar één van onze partners. Bij PsyQ kun je terecht voor verschillende behandelingen. In het geval van een persoonlijkheidsstoornis wordt meestal een vorm van gesprekstherapie aanbevolen. Tijdens de intakeprocedure wordt samen met jou bekeken wat de meest passende behandeling is.

Omgaan met antisociale persoonlijkheidsstoornis

Heb je recent de diagnose antisociale persoonlijkheidsstoornis gekregen? Door over je aandoening te lezen leer je meer over omgaan met een antisociale persoonlijkheidsstoornis. Daarnaast is het belangrijk dat jouw vrienden en familie weten dat je deze aandoening hebt. Zij kunnen je er eventueel mee helpen. Ook contact met lotgenoten kan prettig zijn om te leren omgaan met een antisociale persoonlijkheidsstoornis.