Een posttraumatische stressstoornis is goed te behandelen. Daarvoor zijn verschillende behandelmethoden. De behandelaar kan u er meer over vertellen. Om een goede keuze te maken moet de behandelaar een goed beeld hebben van degene met PTSS. Vaak zie je dat mensen met PTSS ook een depressie hebben. Die moet eerst aangepakt worden, voordat begonnen kan worden aan de behandeling voor PTSS. Depressiviteit wordt behandeld in eerste instantie met medicijnen.

Er zijn verschillende behandelwijzen voor PTSS.

  • Stapsgewijs en onder begeleiding de schokkende gebeurtenis onder ogen zien. Dit wordt ‘exposure in vivo’ genoemd. Vermijden of verdringen van de traumatische ervaring houdt diezelfde ervaring in stand. U oefent, onder begeleiding van een behandelaar, om de confrontatie aan te gaan met uw traumatische ervaring. Dit oefenen gaat in kleine stapjes, waarbij u steeds meer uw traumatische ervaring beleeft. Ondertussen heeft u geleerd om te gaan met de situatie. Dat geeft zelfvertrouwen! U weet dat u een volgende keer bij een herbeleving de ervaring aan kunt. De impact wordt kleiner.
  • Deze exposure in vivo behandelaanpak wordt vaak gecombineerd met cognitieve gedragstherapie. Dan wordt gekeken naar de manier van denken en het gedrag van de persoon met PTSS. Welke gedachten en gevoelens spelen een rol? Door het gedrag en de gevoelens onder de loep te nemen, kunnen ze ook vervangen worden door andere, meer helpende gedachten. Hierdoor verminderen de klachten.
  • EMDR. Deze afkorting staat voor Eye Movement Desensitization and Reprocessing. Het is een wetenschappelijk bewezen effectieve behandeling.
    Hoe gaat deze behandelwijze in zijn werk? Tegelijk met het oproepen van de traumatische ervaring wordt u afgeleid door de behandelaar. Dat kan door een vinger voor uw gezicht van links naar rechts te bewegen of links en rechts op een koptelefoon tappen of afwisselend op je knieën te tikken. Die afleiding met het 'links en rechts' is essentieel in de behandeling. Hierdoor wordt het verwerkingsmechanisme van je geheugen gestimuleerd. De traumatische ervaringen verliezen geleidelijk aan kracht en emotionele lading. De ervaring krijgt een plek.
  • Psychotherapie. Samen met de behandelaar praat u over de traumatische ervaring. Dat gebeurt in een behandelkamer, dus een veilige omgeving die geen vervelende herinneringen oproept of versterkt. U bepaalt zelf hoeveel u in een gesprek over de traumatische ervaring kwijt wilt. U bent de baas over de situatie en dat draagt bij aan de verwerking ervan. Die gesprekken kunnen individueel of in een groep plaatsvinden. In sommige gevallen wordt ook de partner bij de gesprekken betrokken. De behandelaar zal daar meer over vertellen.
    Door de gesprekken over de traumatische ervaring slijt het gevoel wat die ervaring nog oproept. Deze hele vervelende ervaring krijgt langzamerhand een eigen plekje in uw geheugen en leven.
  • Schrijfopdrachten. In sommige gevallen wordt gevraagd te werken met schrijfopdrachten. Die kunnen soms via e-health aangeboden en gemaakt worden. De behandelaar zal u daar meer over vertellen als het past in uw behandeling.

Omgaan met PTSS

Iemand uit je directe omgeving heeft PTSS. Hoe ga je daar mee om? Een luisterend oor bieden en blijven bieden. Ook al heb je het verhaal al –tig keer gehoord. Erover vertellen helpt bij de verwerking. Het is niet aan te geven wanneer iemand de traumatische ervaring een plek heeft gegeven. Dat kan weken of maanden duren. Geduld helpt.

 

  • Vraag aan degene met PTSS wat die van u verwacht. Hij of zij kan dat zelf bepalen. Dit bepalen is ook belangrijk is het herstelproces. Degene met PTSS moet weer het gevoel krijgen dat hij baas is over de situatie. Het kunnen bepalen wat de ander kan betekenen is een onderdeel daarvan.
  • Vraag door in gesprekken. Dit helpt de ander om na te denken over de traumatische gebeurtenis en het wellicht in een ander licht te zien. Soms worstelt de ander met schuldgevoelens. Een vraag ‘Was er iets wat je had kunnen doen?’ kan de ander aan het denken zetten en kan helpen in de verwerking.
  • Neem het leven van de ander niet over. Ga niet bepalen wat de ander het beste kan/moet doen. Die ander wil graag zelf weer controle krijgen over zijn eigen leven.
  • Stap niet makkelijk over de problemen van de ander heen. Een ‘ja, nu weten we het wel. Probeer het nu maar gewoon te vergeten.’ werkt niet. Blijf luisteren, want de ander zit nog vol emoties en heeft de traumatische ervaring nog geen plek kunnen geven.
  • Luisteren naar de traumatische ervaring van een ander die u lief is en hem/haar ziet worstelen kan zwaar zijn. Geef daarin ook uw grenzen aan en vergeet uw eigen gezondheid niet. Zoek zelf ook hulp als het u te zwaar wordt.